De Tweede Kamer heeft een motie van CDA-Kamerlid Sarath Hamstra aangenomen die oproept tot meer duidelijkheid over de mogelijkheden binnen de Participatiewet voor tijdelijke, ontwikkelingsgerichte ondersteuning van jongeren in een kwetsbare positie.
Voor veel jongeren die afhankelijk zijn van de Participatiewet ligt de nadruk nu sterk op directe arbeidsparticipatie. In de praktijk betekent dit dat zij vaak vooral bezig zijn met rondkomen en overleven, terwijl er weinig ruimte is om te investeren in hun ontwikkeling, opleiding of mentale rust. Juist die ruimte is essentieel om duurzaam vooruit te komen.
Met de aangenomen motie vraagt de Kamer het kabinet om vóór de begrotingsbehandeling van Sociale Zaken en Werkgelegenheid 2027 in kaart te brengen:
- – welke ruimte de Participatiewet al biedt voor ontwikkelingsgerichte ondersteuning,
- – waar jongeren en uitvoerders in de praktijk tegenaan lopen,
- – en welke aanpassingen nodig zijn om die ruimte beter te benutten.
De motie bouwt voort op een eerder aangenomen amendement van Dogukan Ergin, waarmee extra middelen beschikbaar zijn gesteld voor ondersteuning van jongeren in kwetsbare situaties. Deze stap onderstreept het groeiende besef in de Kamer dat maatwerk en ontwikkeling centraal moeten staan in beleid voor jongeren.
De brede steun voor de motie, met medeondertekening van onder anderen Dogukan Ergin, Anouschka Biekman, Femke Wiersma en Esmah Lahlah, laat zien dat dit onderwerp politiek breed wordt gedragen.





