“Die jongeren moeten gewoon aan het werk.”
Veelgehoorde overtuigingen weerlegd.
Aannames zijn menselijk; we hebben ze allemaal. Toch stroken de veelgehoorde overtuigingen niet altijd met de realiteit van het Bouwdepot. Daarom hebben we de meest voorkomende misvattingen voor je op een rijtje gezet en weerlegd!
Overtuiging – Jongeren gaan het geld aan verkeerde dingen uitgeven.
Realiteit – Op een overtuiging als deze volgt vanuit ons altijd de vraag: ‘Wat zijn dan verkeerde dingen?’ Wij geloven dat jongeren zelf het beste weten wat belangrijk voor hen is. En ja, soms zijn dat materiële zaken waar je zelf niet als eerste voor zou kiezen. Maar wat bijvoorbeeld voor de één een dure spelcomputer is, is voor de ander een manier van ontspannen en sociaal contact. Daarnaast biedt het Bouwdepot ruimte om te experimenteren, een keer een miskoop te doen en daar weer van te leren. Iets wat voor jongeren in een kwetsbare situatie vaak niet vanzelfsprekend is en volgens het onderzoek van Drift een belangrijk component is van waarom de aanpak ook een positief effect heeft op het zelfvertrouwen en de eigenwaarde van jongeren.
Overtuiging – Van een aanpak gebaseerd op vertrouwen wordt misbruik gemaakt.
Realiteit – We baseren systemen vaak op die ene rotte appel, in plaats van op de andere 99%. Als je systemen vanuit vertrouwen bouwt, kun je niet volledig voorkomen dat het misschien een keer misgaat. Maar doe je dat niet, dan komt die 99% chronisch tekort. Risico’s proberen we te minimaliseren. Zo kunnen jongeren zich niet zelfstandig aanmelden, maar moeten ze al in beeld zijn bij een maatschappelijk werker of zorgverlener. Ook kan het Bouwdepot worden bevroren als er geconstateerd wordt dat het Bouwbudget een negatief effect heeft op de ontwikkeling van de jongere of die een langere periode uit contact blijft met de begeleider. Van de 135 deelnemers tot nu toe is dit slechts een enkele keer voorgekomen. Een meisje met een verslaving ging bijvoorbeeld meer drugs gebruiken. Haar budget is toen bevroren en kwam weer tot haar beschikking wanneer het beter zou gaan. Voor haar was dit de wake-upcall die ze nodig had: na een paar maanden ging het een stuk beter en kreeg ze weer de beschikking over haar budget. Van misbruik is verder nooit sprake geweest. Stuk voor stuk zien we bij de deelnemers een enorme gedrevenheid om iets van hun leven te maken.
Overtuiging – De aanpak het Bouwdepot zou op grote schaal veel te duur zijn.
Realiteit – Hier kunnen we kort over zijn: volgens het MKBA-rapport is het tegenovergestelde waar. Het Bouwdepot rendeert. Volgens het rapport wordt er rendement behaald op meerdere vlakken: persoonlijk, maatschappelijk en financieel. Bijvoorbeeld door de kosten die vermeden worden in de maatschappelijke opvang, jeugdhulp en voortijdig schoolverlaten. Al binnen drie jaar tijd hebben gemeenten hun investering terugverdiend.
Overtuiging – Die jongeren moeten gewoon gaan werken voor hun geld
Realiteit – Dat is vaak al het geval. Regelmatig komen we jongeren tegen die, ook naast hun studie, meerdere baantjes hooghouden. Maar dat is vaak niet genoeg om op jezelf te wonen en van rond te komen als je geen ouder(s) (in beeld) hebt die financieel bij kunnen springen. Als 18-jarige verdien je namelijk vaak maar € 6,84 bruto per uur. Terwijl de gemiddelde prijs voor een studentenkamer €551 bedraagt (Kamernet, 2023). Dat betekent dat je alleen al om de huurprijs te kunnen bekostigen, meer dan 80 uur per maand moet werken.
Omdat de jongeren in de financiële knel zitten en soms al schulden hebben opgebouwd, gaan we er als samenleving al snel vanuit dat jongeren dit aan zichzelf te danken hebben en maar hadden moeten werken. Maar hoe realistisch is het voor 18-jarigen zonder diploma en gedegen werkervaring om een goedbetaalde fulltimebaan te vinden? Voor iemand die zijn leven nog niet goed op de rit heeft en bijvoorbeeld nog aan de slag wil met haar/zijn/hun mentale gezondheid? Tijdens het Bouwdepot krijgen deze jongeren de kans om hun basis op orde te brengen en tegelijkertijd werkervaring op te doen vanuit financiële stabiliteit om op terug te vallen.
Overtuiging – Van het Bouwdepot worden jongeren lui, want werken loont dan niet meer.
Realiteit – Het aantal jongeren dat een fulltimebaan heeft, stijgt tijdens het Bouwdepot. In de gemeente Eindhoven was dit een verschil van 8,7 % bij de start van het Bouwdepot-jaar naar 30,4 % aan het einde van het jaar (DRIFT, 2023). Daarnaast hebben dus veel jongeren vaak ook al verschillende (bij)baantjes. Tijdens het Bouwdepot-jaar zien we dat jongeren de zekerheid van het financiële vangnet aangrijpen om te wisselen van baan of te experimenteren met (ander) werk. Om iets te vinden wat bij ze past en waar ze meer voldoening uit halen op de lange termijn. Daardoor hebben ze aan het eind van het jaar vaak werk dat beter verdient, waar ze meer plezier aan beleven of meer stabiliteit uithalen. Daarnaast is het belangrijk om ook een andere vorm van werk te benoemen: werken aan jezelf. Veel van de jongeren kunnen door het Bouwdepot eindelijk starten aan intensieve therapie. Ze krijgen ruimte in hun hoofd om met zichzelf aan de slag te gaan, en dat is van onschatbare waarde voor hun toekomst. Zoals een jongere in de eerste pilot ons leerde: ‘om je goed te kunnen inspannen, moet je eerst kunnen ontspannen’.
Overtuiging – Het is je eigen schuld als je in de problemen komt.
Realiteit – Vaak is het een samenloop van pech en keuzes. Pech, omdat deze jongeren al van jongs af aan veel hebben meegemaakt. Waar je wieg staat, bepaalt welke kansen je krijgt in het leven. Zo wordt ongelijkheid vaak intergenerationeel doorgegeven. Daardoor hebben ze vaak weinig vertrouwen in zichzelf en zitten ze in een soort chronische burn-out. Ze leven in de overlevingsmodus. Uit onderzoek is gebleken dat mensen die zo lang in een stressvolle situatie leven, meer korte-termijn-keuzes maken. Het gebrek aan geld speelt hierin ook een rol, omdat jongeren soms hun studie moeten opgeven om te kunnen werken. Daarom kunnen hun keuzes niet volledig aan hen worden toegerekend. Door de stabiliteit die het Bouwdepot biedt, neemt de stress af en leren de jongeren keuzes te maken voor de lange termijn.
Overtuiging – Gemeenten bieden deze hulp al aan in de vorm van een uitkering.
Realiteit – De bijstandsuitkering voor jongeren tussen de 18 en 21 jaar is €323,03 euro per maand. Dat is veel te laag om maandelijks van rond te komen als je niet kunt rekenen op financiële steun van je familie. In verschillende gemeenten bestaat de mogelijkheid om een uitkering ‘op te plussen’, maar dat proces is vaak ingewikkeld en kent vele voorwaarden. Eerder spraken we beleidsadviseur Steven Lenselink van gemeente Amersfoort al over de verschillen tussen het Bouwdepot en het opplussen van een uitkering. (Lees het hier.) Gemeenten kloppen bij ons aan omdat ze onvoldoende instrumenten hebben om aansluiting te vinden bij deze doelgroep. De methode van het Bouwdepot is daar een oplossing voor.
Overtuiging – Het Bouwdepot is oneerlijk voor andere jongeren die het ook moeilijk hebben.
Realiteit – Alles wordt duurder en daardoor hebben veel Nederlandse jongeren het moeilijk. Maar de methode van het Bouwdepot focust zich specifiek op de jongeren die al 10-0 achterstaan op hun leeftijdsgenoten. Ze hebben geen financieel, en vaak ook geen sociaal vangnet. Veelal zijn ze in hun verleden met jeugdzorg in aanraking geweest en is er sprake van multiproblematiek. Ook in deze doelgroep kunnen we nog niet alle jongeren bedienen. Daarom is het ons doel om op te schalen naar zoveel mogelijk gemeenten. En tegelijkertijd zo veel mogelijk bewijslast te verzamelen om te laten zien wat de methode doet. Dit is nodig om toe te werken naar het uiteindelijke doel: het Bouwdepot voor alle jongeren in deze omstandigheden beschikbaar te maken.





